Nachtangst, veroorzaakt door GAS

Ook dit bericht over mijn nachtangst, gaat over dagen waarop mijn angsten het ergst zijn. De afgelopen maanden gelukkig niet dit soort extreme nachten gehad. Maar er is een tijd geweest waarbij ik dit dagelijks had! Als ik dit terug lees, besef ik mij hoe erg het eigenlijk is. Ik lijk wel gek! Wie bedenkt er nou zoiets. Ik vraag mij ook dagelijks af of ik de enige ben met zulke bizarre angsten. Zou het?

Nachtangst

Het is drie uur in de nacht als ik wat onrustig wakker word.  Ik denk iets te horen. Het klinkt als een krakend of knisperend geluid. Ik sla mijn deken van me af, en ga dan rechtop zitten. Starend naar de slaapkamerdeur die openstaat probeer ik te achterhalen waar het geluid vandaan komt. Dan kijk ik naast mij waar D heerlijk ligt te slapen. Zijn ademhaling is duidelijk te horen, zo ook zijn gesnurk, ik irriteer me eraan. Ik kan me op deze manier niet goed focussen op het geluid. Zachtjes geef ik hem een tikje op zijn schouders, in de hoop dat het gesnurk ophoudt. Maar helaas, het gaat door dus ik moet iets ander doen. Op deze manier ga ik toch niet slapen, mezelf kennende.

De bovenverdieping

De spanning neemt toe en ik word nog onrustiger. Ik moet weten wat het geluid is, en of het veilig is. Dus ik ga op pad. Als eerst loop ik naar het raam in onze slaapkamer die uitkijkt op de tuin. Ik schuif het gordijn een stukje opzij en kijk naar buiten. Dan check ik het hek. Nee, daar zie ik niemand. Voor de rest zie ik ook niet iets vreemds in de tuin. Het lijkt aan deze kant van het huis veilig, nu de rest nog.

Aan de andere kant zit de slaapkamer van mijn zoon. Ik loop zijn kamer binnen en voordat ik naar het raam ga, geef ik mijn zoon nog een aai over z’n bol.  Of eerlijk gezegd kijk ik eerst of hij nog goed ligt. Of nóg eerlijker gezegd check ik gewoon of hij nog leeft (koekoek). Dan loop ik naar het raam toe, en kijk ik als eerst of er in de straat geen vreemde auto’s zijn. Lijkt allemaal in orde.

De benedenverdieping

Ik verzamel al mijn moed en besluit naar beneden te gaan. Dan doe ik het ganglicht aan en loop zachtjes de trap af. Even kijken of ik op de muren geen spin zie, wat haat ik die beesten! Het is wel eens voorgekomen dat er opeens zo een beest naar beneden kwam glijden, zo voor mn neus! Geen spin gelukkig (anders had ik nog een uitdaging) dus ik loop verder. Onderaan de trap sta ik stil en kijk om het hoekje naar de voordeur. De deur is dicht en het slot ziet er niet geforceerd uit. Ik kan verder gaan.

Als ik de woonkamer inloop, doe ik meteen het licht aan. Zoals je kunt lezen, is bijna het hele huis inmiddels verlicht :). De achterdeur zit ook nog goed dicht. Toch check ik nogmaals de tuin, en als dat er allemaal goed uitziet, ga ik terug naar boven. Ik beweeg nog even snel de hendel van de deur en alles zit nog hoe het hoort (check check double check).

Paniek!

Voordat ik weer naar boven ga toch nog even naar de voordeur. Want van ver zag het slot er goed uit, maar dat is niet genoeg, ik moet het van dichtbij inspecteren. Ik beweeg de hendel en kijk ook nog even naar buiten. Ik zie onze auto’s staan en dan slaat mijn hart over. Mijn gedachten gaan als een gek alle kanten op. Hoort daar een lampje te branden?

Ik zie een rood lampje knipperen in mijn auto. Wat is dat! Paniek paniek! Want ik heb nog nooit een rood lampje zien knipperen in mijn auto en ik weet niet of dat hoort. Ik blijf ernaar staren en kijk of ik iets anders verdachts zie. Zal er iemand wat in mijn auto hebben gedaan. Ok, nog eerlijker? Heeft er iemand een bom in mijn auto gelegd!? Ik begin heel hard, maar dan ook héél hard te relativeren. Langzaam aan voel ik mezelf namelijk wegglijden. Hardop zeg ik tegen mezelf dat het gewoon zo hoort. Er hoort een lampje te knipperen, punt!

Terug naar bed

Ik besluit ondanks mijn paniek gevoel terug naar bed te gaan. Het geluid heb ik ook niet meer gehoord dus het zal wel goed zijn. Het licht weer uit en terug naar boven, mijn bed in. Ik kijk nog even hoe laat het is, half 4 alweer, en over 2 en een half uur moet ik er alweer uit. Baal! Deze nachten breken mij echt op.

Inmiddels ben ik zó moe dat het hele lampjes gedoe mij niet meer wakker kan houden. Ik twijfel wel heel erg om D wakker te maken en te vragen naar het lampje. Hij heeft ook zijn slaap nodig, ik kan hem niet altijd meesleuren in mijn waanzin. Maar ik moet, want ik kan toch niet zo gaan slapen? Ik besluit D te vragen of er een lampje in de dashboard van de auto hoort te knipperen. Geen antwoord natuurlijk, die man zit heerlijk te dromen! Ik blijf naar hem kijken en dan bedenk ik mij dat dit gekkenwerk is. Ik relativeer me suf en kan mezelf over halen om dit ‘probleem’ te schuiven naar morgen. Morgen zie ik wel wat dat lampje betekent. Voor nu is alles in huis veilig, ik ga slapen. Klote nachtangst!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *